Leuke Opdrachten!


Vanaf maart bedachten we verschillende muzische opdrachten voor alle kinderen die  thuis moesten blijven. Er zijn ideetjes om te knutselen, te dansen, te zingen en toneel te spelen. Allemaal uit te voeren met een minimum aan materiaal. Je vindt ze allemaal hieronder terug. Nu mogen we gelukkig weer naar school en kan je onze opdrachten ook in de klas gebruiken! Nog leuker zou het zijn als we eens naar jullie school mogen komen met een workshop of voorstelling! Meer info daarover vind je verder op deze website! 

Verrassingsverhaal

Verdeel de volgende rollen:

 

Verteller

Ridder

Koningin (of Koning)

Wensgeest

 

Als je met minder dan 4 bent, kies je sowieso een verteller en de rol die je het liefste bent.

 

Verhaal:

 

In het land “Hiervervandaan” staat een torenhoog kasteel.

Het is hier zo ver vandaan dat niemand er ooit geweest is! 

Toch wordt het bewoond. Door een echte Koningin!

Op een mooie zomeravond zit de Koningin op haar kamer. 

Het is een hele mooie Koningin! Met lange blonde haren die ze zit te borstelen.

Maar ze vindt andere mensen altijd veel mooier dan zichzelf! 

Terwijl ze haar haren borstelt zingt ze zachtjes een mooi liedje met haar prachtige stem.

 

De ridder die ook in het kasteel woont hoort de Koningin zingen en staat eventjes stilletjes te luisteren. Het is een stoere, dappere en sterke ridder met een groot zwaard. Maar... hij is heel klein! Kleiner dan een meter! Kleiner dan zijn zwaard! Zelfs het kleinste harnas dat hij aanheeft is nog te groot! 

Hij probeert zachtjes naar de Koningin te stappen maar zijn harnas maakt veel lawaai en de Koningin schrikt een beetje! 

De ridder zegt met stoere stem: “maar Koningin, stop niet met zingen! Het was erg mooi!”

“Nee hoor!” zegt de Koningin, “ik weet best dat jij mooier kan zingen dan ik!”

De ridder antwoordt: “Ik weet wel heel zeker van niet! Maar Koningin, je ziet zo bleekjes, heb je wel gegeten?”

“Tja…” antwoordt de Koningin “De poes kwam even langs en die wilde zo graag mijn vis! En mijn kamermeisje lustte graag de groentjes en toen heb ik mijn dessert aan de hond gegeven…” 

“Heb je weer al je eten weggeven?” vraagt de ridder? “Koningin, jij bent veel te lief!!!!!

Zo gaat het toch niet verder! Ik roep de wensgeest!!” En met bulderende stem roept hij: “WENSGEEST!”

 

In het kasteel woont al eeuwen een geest. En die kan alle wensen vervullen die je maar kan bedenken! En zelfs meer dan drie, zoveel als je wilde!

Hij zweeft overal rond maar kan niet door muren heen! Hij moet ook door de deur, net als iedereen! En zo hoort het ook!

Er zijn twee grappige dingetjes bij de geest: hij houdt bijna altijd netjes zijn handen achter zijn rug én hij vertelt altijd de waarheid, zelfs al wil je die niet horen! Maar als hij spreekt, klinkt het heel netjes, alsof hij de koning van de wereld is!

Hij hoort zijn naam en komt snel aangezoefd en zegt “Beste Koningin, waarmee kan ik U helpen? OOh, maar U ziet er helemaal niet zo goed uit! Bent U de geest of ikzelf? Het is toch waar!”

De ridder zegt gauw: “Geest, U moet zoiets toch niet zeggen!” Maar de geest zegt “Maar het is toch de waarheid? Niet? Het lijkt wel alsof je in dagen niet meer gegeten hebt!”

De Koningin zegt: “ja, dat is eigenlijk ook wel zo. Ik geef het altijd weg aan iemand die passeert. Ik kan het niet laten..! En nu heb ik toch zo’n honger!”. De ridder wil graag helpen en zegt tegen de geest: “Geest, ik heb een wens voor jou! Ik wens dat de Koningin

niet meer zo lief is. Dan zal ze haar eten weer zelf opeten!” 

Zo gezegd zo gedaan, de geest vervult de wens. 

Maar dan gebeurd iets wat ze niet verwachten! De Koningin wordt boos en roept:

“Eindelijk kan ik eens enkel aan mezelf denken! En ik wil dat niemand zich nog moeit met mij. Ik wil het beste eten voor mezelf en de mooiste kleren van allemaal! En ik wil gerust gelaten worden! Ridder, ga nu toch eens weg! Ga zo ver mogelijk hier vandaan! NU!”

De ridder en de geest zijn sprakeloos! De geest is de eerste die iets zegt: “Wat gemeen van U! U lijkt wel op een heks! Echt waar!” De Koningin staat recht en roept: “Voor U, geest, heb ik ook een wens! Ik wens dat je nooit meer de waarheid kan vertellen!” 

De geest moet gehoorzamen en stapt droevig weg.. al mompelend “Ik ben hier heel graag en hou veel van mijn Koningin” wat natuurlijk gelogen is..

Ook de ridder moet de Koningin gehoorzamen want dat doen ridders nu eenmaal. 

Het zal echter maanden duren om hier zover mogelijk vandaan te geraken! Met zo’n kleine benen! De Geest draait zich nog één keer om en wenst dat ridder groot zou zijn.

 

Eén maand later is de ridder aan de andere kant van de wereld. Dat is snel omdat hij nu zo’n grote passen kan nemen. Met één stap is hij een kilometer verder!

Maar wat nu? Verder kan hij niet gaan!

Hij gaat zitten en denkt na… Wat heeft de Koningin ook weer gezegd? Hij moest HIER zo ver mogelijk vandaan.Van hier? Dat is dus gewoon weer terug! 

Deze keer stapt hij wat trager want hij heeft niet veel zin om de Koningin terug te zien..

Treuzelend gaat hij weer op pad.

 

Twee maanden later.

 

De ridder nadert het kasteel en ziet er erg ongelukkig uit. De Geest ziet hem al aankomen en zegt “Amai Ridder! Ik heb je nog nooit zo gelukkig gezien! Je straalt!” 

“Ach” zegt de ridder, “ Ik ben toch veel te groot! Ik heb zelfs een paar keer op een konijntje getrapt omdat mijn voeten er niet naast kunnen! Mijn paard heb ik achtergelaten omdat ik te zwaar ben. Ik heb het paard zelf een tijdje gedragen maar daar werd dat dier zo triest van! En ik wil de Koningin liever niet weer zien.. Hoe gaat het nu met haar?”

De geest antwoordt: “ Ze is zo lief! Ze is echt heel mooi geworden van al dat eten! En als ze roept naar de mensen wil iedereen bij haar in de buurt zijn! Een echt schatje!”

“Ach”, zegt de ridder, “moet je nog steeds liegen? Kan je nog steeds de waarheid niet vertellen?” De Geest buigt zijn hoofd naar beneden.

 

De ridder verzamelt al zijn moed en gaat naar de Koningin. De Geest volgt hem.

De Koningin is zo dik geworden dat ze naast haar stoel moet gaan zitten! Wanneer ze de ridder ziet zegt ze: “Wat doe jij hier! Ik had je toch gezegd om zo ver mogelijk hiervandaan te gaan!”

“Dat heb ik gedaan” zegt de ridder” tweemaal! Eén keer ver van hier en een keer weer ver van daar!

En ik ga niet nog eens weg!”

De Koningin schrikt! Zo durft niemand tegen haar praten! Ze herinnert zich weer dat ze toch ooit goede vrienden waren. Ze mist iets wat ze vaag herinnert..

De Ridder kijkt naar de Geest en zegt: “Geest, ik wens dat we allemaal weer worden zoals we eerst waren; ik klein, de Koningin weer lief en jij mag weer de waarheid zeggen!”

 

De Geest is zo blij en roept: “Eindelijk, dankjewel kleine dreumes! En Koningin, ga jij maar op dieet! Het is toch waar!”

 

EINDE